hoofdmenu
Sigers Weblog

none yet

PZ Myers over evolutiepsychologie

18 december 2012


D

e blogger Rebecca Watson (skepchick) is reeds enkele jaren een begrip in de US. Ze ergert zich regelmatig aan pseudowetenschap die beweert dat zowat alles wat we doen en denken genetisch werd vastgelegd in het woeste pleistoceen, en dat we daar maar mee te leven hebben. In april 2011 schreef ze nog een scherpe blog tegen de voorstelling van verkrachting als een evolutionair voordeel, iets waar ik het zelf ook al over had (zie "Enkele Voorbeelden uit de evolutiepsychologie".)

Het hek was echter helemaal van de dam toen Rebecca Watson op een recent Scepticon congres in de US een satirische en erg gevatte lezing hield over "Hoe meisjes evolueerden om te gaan shoppen en andere manieren om vrouwen te beledigen met zgn. wetenschap". Hieronder de video van deze lezing.

De storm brak los. Watson had zich niet te bemoeien met iets waar ze niet in opgeleid was, en bovendien was evolutiepsychologie helemaal niet zoals ze het voorstelde. De meest uitgebreide kritiek kwam van Edward Clint, die Watson ervan beschuldigde een "liberal" te zijn die aan "science denialism" doet.



Clint is een antropologiestudent die naar eigen zeggen een (nog te publiceren) paper heeft geschreven waarin wetenschappelijk wordt aangetoond dat een belangrijke premisse van de evolutiepsychologie fout is. Hij meent daarmee te bewijzen dat de evolutiepsychologie het juist voor heeft. Zoek de vout.

Zo werd er nog heel wat over en weer geschreven. PZ Myers, moleculair bioloog, atheist en scepticus, verdedigde Rebecca Watson op zijn blog Pharyngula. Later zette hij zijn meer fundamentele bezwaren tegen de evolutiepsychologie uiteen. Hieronder een samenvatting.

§

PZ Myers over het fundamentele falen van de evolutiepsychologie

Myers schrijft:
Ik heb een echt probleem met evolutiepsychologie, en dat probleem gaat recht naar de wortels van de discipline: ze steunt op een gebrekkige basis. Ze steunt op een naïeve en simplistische voorstelling van hoe evolutie werkt. Haar aantrekkingskracht is voor veel mensen dat deze foute voorstelling zo mooi overeenkomt met de cartoonversie van evolutie die ze in hun hoofd hebben, wat betekent dat telkens je kritiek geeft op evolutiepsiychologie, je een zwerm onwetende verdedigers over je heen krijgt die denken dat je evolutie zelf aanvalt.

Die naïeve voorstelling heet adaptationisme.

In een poging rumoerige verwijten van creationisme en van het ontkennen van natuurlijke selectie voor te zijn, verklaart Myers nadrukkelijk dat hij selectie niet onbelangrijk of overbodig vindt, en dat hij niet beweert dat andere evolutiemechanismen belangrijker zijn. Maar er zijn zoveel mechanismes die allemaal een belangrijke rol spelen, dat je niet zomaar kan beweren dat er maar één van belang is. De belangrijkheid van die andere mechanismes niet erkennen is een beetje als een electricien die denkt dat het allemaal over spanning gaat, en dat electrische stroom en weerstand geen rol spelen.

Vooral toevallige genetische drift (random genetic drift) is belangrijker dan evolutiepsychologen lijken te denken. De meeste variatie die we waarnemen zijn niet het resultaat van selectie: je neus heeft niet de vorm die hij heeft, die verschilt van alle andere neuzen, omdat je afstamt van populaties die een bijzondere sexuele voorkeur voor jouw bepaalde neus hadden. Nee, je neus is een variatie voortgebracht door toeval, dat toenam door genetische drift in verschillende populaties. Want selectie is blind voor kleine verschillen. Toeval is de dominante factor, behalve bij hoge selectiedruk.

Vergelijk het met een casino. Casino's zijn geldzuigers. Zoals de natuurlijke selectie doen ze dat met de kracht van kleine veranderingen, uitvergroot door herhaling.

Elke speler draagt telkens hij speelt gemiddeld tussen 5 en 20 % af aan het casino. Nu en dan heeft iemand geluk en wint, maar hoe meer men speelt, hoe groter de kans op een tegenslag, en onvermijdelijk worden de winners ingehaald en het huis wint. Dit is een krachtige statistische wetmatigheid, die de meeste mensen begrijpen: kleine verschillen die generatie na generatie optellen kunnen leiden tot uitsterven of tot het fixeren van eigenschappen in een hele populatie.

Als je bijvoorbeeld zou ontdekken dat bij een bepaalde roulette rood in 51% van de gevallen uitkomt, dan volstaat het steeds weer op rood in te zetten om miljoenen te winnen. Al wat je nog nodig hebt is geduld. Alleen, als je slechts één chip hebt, loop je 49% kans die onmiddellijk te verliezen. Zelfs met een klein stapeltje chips kan je snel alles verliezen als je tegenslag hebt. Een selectief voordeel betekent nog geen zekere overwinning. Anderzijds betekent een selectief voordeel ook geen zekere ondergang. Mensen winnen nu en dan na een nacht op de roulette te spelen, tegen de statistieken in.

Ervaren spelers weten dat ze moeten beginnen met een flinke bedrag, zeg een miljoen dollars, maar dat ze elke ronde een beetje - stel tien dollar - mogen inzetten. Zo heb je reserve bij tegenslag, en er is redelijke kans dat je 's ochtend naar huis gaat met tienduizend dollar winst (tenzij de manager je aan de deur zet als je te hard gaat.) De belangrijkste les is, dat je zowel een selectief voordeel moet hebben, en voldoende herhaalde pogingen. Bij te weinig pogingen hang je af van toeval. Bij veel herhaalde pogingen gaat selectie spelen.

In een populatie staat het aantal individuen voor het aantal pogingen. Selectie werkt best in grote populaties, terwijl toeval overheerst in kleine populaties: er is een grote populatie nodig om een selectief voordeel uit te tillen boven de ruis van toevallige variatie.

Binnen elke populatie bestaat er een waaier aan variaties die onzichtbaar blijven voor natuurlijke selectie. Deze waaier zal smal zijn in een enorme populatie van bacteriën, maar breed in kleine populaties zoals die van grote, zich traag voortplantende primaten in het pleistoceen.

Dat betekent niet dat selectie niet werkte op onze voorouders. Geboren worden met een hartafwijking betekende dat je weggeselecteerd werd. Immuniteit voor een virus was dan weer een selectief voordeel. Maar ook een wonderbaarlijk voordelige mutatie heeft een grote kans verloren te gaan.

Nogmaals, een selectief voordeel betekent geen onvermijdelijk overleven, en een selectief nadeel betekent geen onvermijdelijk uitsterven. Toeval blijft een belangrijk element in het overlevingsspel.

Driekleurig zicht bijvoorbeeld, verspreidde zich snel en werd gefixeerd bij de apen en mensapen van de oude wereld. kleurblindheid is een duidelijk nadeel, dus waarom bestaat het nog steeds, na meer dan 30 miljoen jaar? Omdat kleurblindheid onder het zichveld van sterke selectiedruk bleef. En als kleurblindheid onzichtbaar is voor selectie, ben ik heel sceptisch als een evolutiepsycholoog me vertelt dat de voorkeur van meisjes voor de kleur roze het gevolg is van een honderdduizend jaar oud selectieproces. Het is niet onmogelijk dat een voorkeur voor roze voordelig was, maar de idee dat een voorkeur voor roze zo sterk geselecteerd werd omdat het een selectief voordeel had, zonder enig bewijs, kan afgedaan worden als complete onzin. Zelfs als een voorkeur voor de kleur roze genetisch zou zijn, is de meest redelijke verklaring drift, niet selectie.

De evolutiepsychologie neemt te makkelijk aan dat elk kenmerk het resultaat is van natuurlijke selectie. Heel wat kenmerken zijn gevolg van toeval en drift. Om uitspraken te doen over evolutie, kan je niet zomaar aannemen dat iets door selectie geevolueerd is, als daar geen aanwijzingen voor zijn. Evolutiepsychologie is een thesis die de vereisten voor goede biologische research wil kortsluiten.

Dat betekent niet dat elke onderzoeker in die discipline een charlatan is en elke paper verwerpelijk. Maar, schrijft PZ Myers, het is opmerkelijk dat de beste papers zich het verst houden van psychologische onzin over het pleistoceen.




Tags: Ethiek, Evolutie, Pacifisme, Wetenschap

Zie ook het archief