hoofdmenu
Sigers Weblog

none yet

De vernieling van Arpád Pusztai

14 juni 2015


Arpad Pusztai

D

r. Arpad Pusztai was een alom geëerd biochemicus verbonden aan het befaamde Rowett Research Institute in Aberdeen, Schotland. Tegen de tijd van zijn vernieling was hij 35 jaar onderzoeker van biochemische processen, had honderden papers en, samen met zijn vrouw Dr. Suzan Bardocz die al 13 jaar aan hetzelfde instituut werkte, verschillende boeken geschreven die in hun beroepskring alom gelezen en gewaardeerd werden.

§

In 1995 bestelde het Schotse ministerie van Landbouw, Milieu en Visvangst een studie bij het Rowett Research Institute. Deze studie zou drie jaar vergen en $1,5 miljoen kosten. De opdracht was een methode te ontwikkelen waarmee GGO-gewassen onderzocht konden worden op hun veiligheid, voor het geval bedrijven als Monsanto, dat reeds actief was in de VS en in Argentinië, zulke producten zou willen invoeren in Schotland. De opdracht was dus niet de geschiktheid van een bepaald GGO-gewas voor de markt te onderzoeken, zoals dikwijls gezegd wordt. De enige studie over GGO-effecten die op dat ogenblik bestond was geschreven in opdracht van Monsanto zelf, en was tot het besluit gekomen dat GGO's veilig waren. Het onderzoek van Pusztai zou dus, ongelooflijk maar waar, indien voltooid de eerste onafhankelijke studie worden. Pusztai, zelf biochemicus, verwachtte niet anders dan dat zijn werk ertoe zou bijdragen het vertrouwen in GGO's, dat hij deelde, te doen toenemen.

Pusztai en zijn team gebruikten voor hun onderzoek ratten die opgedeeld werden in groepen, waarvan een groep GGO-aardappelen gevoed werd, en een andere gewone aardappelen. De GGO-aardappelen waren uitgerust met een gen van het sneeuwklokje dat een natuurlijk insecticide (lectine) aanmaakt.

Alles verliep goed en zowel de Schotse overheid als Pusztai geloofden dat GGO's een bijdrage konden leveren tot gezondere voeding. Maar tegen het eind van 1997, na 110 dagen, begonnen de ratten die GGO-aardappelen kregen achterop te raken in hun ontwikkeling. De bom barstte toen Dr. Pusztai tijdens een kort tv-interview verklaarde dat het oneerlijk zou zijn burgers als proefkonijnen te gebruiken, en dat hij, als hij voor de keuze stond, alleen GGO-gewassen zou eten als een studie vergelijkbaar met de zijne zou tonen dat ze veilig zijn. Tot zijn eigen verrassing gingen zijn woorden de wereld rond. Binnen 48 uur veranderde alles. Pusztai en zijn echgenote werden beschuldigd door hun meerderen die tot op dat ogenblik enkel met lof hadden gezwaaid. Ze werden ontslagen en het werd hen verboden nog met de pers te spreken, onder de bedreiging hun pensioen te verliezen. Hun (nog ruwe) onderzoeksgegevens werden in beslag genomen en weggesloten. Een lastercampagne volgde. Rowett zelf verklaarde dat Pusztai de ratten verwisseld had, maar trok deze beschuldiging later weer in. Ondanks de wereldwijde hetze werd een brief om Pusztai te steunen met handtekeningen van 30 leidinggevende wetenschappers gepubliceerd in the Guardian , maar daardoor werd de storm alleen maar aangewakkerd. VS-president Clinton, zo werd later duidelijk, werd aangeklampt door Monsanto, waarna hij met eerste minister Blair (UK) belde. Die schakelde de prestigieuze eeuwenoude British Royal Society in, die op haar beurt de zaak aanpakte op een merkwaardig middeleeuwse wijze. 6 anonieme wetenschappers (aangezien ze anoniem waren, weet niemand hoeveel wetenschapper ze waren, of wat hun band met de voedselindustrie was) werden gevraagd de ruwe, onvoltooide gegevens die in beslag genomen waren te reviewen. Om verduidelijking vragen of recht op verdediging waren niet voorzien. Pusztai werd van hun bevindingen op de hoogte gesteld met een e-mail, waarop hij repliceerde langs dezelfde weg.

De audit

Reviewer 1 was een fysioloog met interesse in voeding, die verklaarde dat de gegevens onvolledig waren en dat ratten niet goed aardappelen verdragen. Men had beter konijnen genomen en gevoederd met groene bladplanten. Deze reviewer vond het ook een bezwaar dat referenties ontbraken naar testen op mensen. Pusztai wees erop dat hij geen eindrapport had kunnen opstellen, dat het voorstel konijnen te gebruiken niet ernstig is, en dat er nooit studies op mensen zijn gedaan, zodat daar niet naar gerefereerd kon worden.

Reviewer 2 was een kwantitatief geneticus, die stelde dat het onmogelijk was conclusies te trekken uit één test van één gen op één rattenvariant van dezelfde ouderdom. Verder zegt hij of zij weinig te kunnen toevoegen aan vorige rapporten, maar besluit toch dat de conclusies van Pusztai voorbarig zijn. Deze laatste wees erop dat hij geen tijd had gehad conclusies te trekken, omdat de testen voortijdig werden afgebroken. De aardappel die gebruikt werd was bedoeld was om een methode op te zetten, niet om op de markt te brengen. Bovendien vergiste de reviewer zich in het aantal betrokken genen. Maar het meest nog was Pusztai verbaasd dat de reviewer naar eerdere onderzoeken verwees waarvan hijzelf niet op de hoogte was.

Reviewer 3 was een fysioloog met kennis van voeding. Deze reviewer kloeg dat er geen methodologie gegeven werd, en stelde meteen dat de studie zo slecht in elkaar stak dat wat men ook had willen aantonen geen steek hield. Hij of zij zag verwarring en chaos alom. Bovendien, meende de reviewer, zullen gecommercialiseerde aardappelen wel te zijner tijd getest worden. Pusztai noemde dit de meest oneerlijke review die hij ooit gezien had, alleen mogelijk onder verzekerde anonimiteit. Als de methodologie ontbrak, hoe kon de reviewer dan zo zeker zijn dat die fout was? Waarom nam de reviewer aan dat de onderzoekers een bepaalde uitkomst wilden? Hij of zij had niet de moeite genomen de ruwe gegevens te bestuderen: de geciteerde cijfers waren niet die uit de data. En waarop was het vertrouwen gebaseerd dat aardappelen voor commercialisatie wel getest zullen worden? GGO-gewassen die "substantially equivalent" zijn, een zeer ruim begrip, werden niet getest. En in elk geval bestaat er geen gepaste methodologie.

Reviewer 4 was een expert in statistiek en klinisch onderzoek. Hij of zij was niet geinteresseerd in de geldigheid van het onderzoek, maar in de integriteit van de onderzoekers. Zo wordt gesteld dat de uitvoerders van de experimenten opzettelijk fouten hebben gemaakt omdat ze tot een bepaalde uitkomst wilden komen. Pusztai noemt die bewering een blijk van onkunde. In een experiment waar 42 ratten ontleed worden door een team van 4 of 5 mensen die tot 1000 stukjes weefsel produceren per proef, zou de bewering dat men deze mensen kan vertellen wat ze moeten neerschrijven grappig zijn indien niet beledigend. Zoiets is alleen maar mogelijk dank zij de geboden anonimiteit. Tenslotte waardeert Putszai dat deze reviewer als enige de moeite genomen heeft de cijfers door te nemen en te analyseren. Helaas waren de data, weggegraaid uit het laboratorium in het midden van een lopend onderzoek, ongeschikt voor review.

Reviewer 5 was een voedingsdeskundige die stelde dat de laboratoriumgegevens niet toelaten conclusies te trekken voor GGO-voedsel in het algemeen. Dat heeft Dr. Pusztai dan ook niet gedaan.

Reviewer 6 was een voedingsdeskundige met expertise in immunologie. Deze reviewer leverde een gunstig rapport af maar, om een reden die niet bekend gemaakt werd, ontving Dr. Pusztai een nieuwere, vernietigende versie een half uur voor hij alle revieuws moest beantwoorden. Het is duidelijk dat de reviewer onder druk was gezet.


Hier twee video's waarin Dr. Pusztai zijn standpunten uiteenzet en zich verdedigt tegen beschuldigingen:





Bronnen:
Seeds of Destruction: The Hidden Agenda of Genetic Manipulation (William F. Engdahl)
Anniversary of a Whistleblowing Hero (Huff)
Interview Arpad Pusztai: Biological divide (Guardian 2008)
Effect of diets containing genetically modified potatoes expressing Galanthus nivalislectin on rat small intestine (Stanley W B Ewen, Arpad Pusztai)
Don't worry [it's safe to eat] (Andrew Rowell)
Árpád Pusztai's Homepage
Rapporten van The Royal Society
Antwoord aan The Royal Society



Tags: actueel, ethiek, samenleving, wetenschap

Zie ook het archief